{$lblSkipToContent|ucfirst}
Let op: Om de gebruikerservaring op deze site te verbeteren gebruiken we cookies.

Constructie en installatie

Stap 1: Voorbereiding van de zeebodem

Vooraleer de reusachtige funderingen geplaatst kunnen worden, wordt de zeebodem geëffend en voorzien van een grindlaag om stabiliteit te garanderen. 

Eerst wordt de concessiezone vrijgemaakt van obstakels en UXO’s: unexploded ordenances. Dit is onontplofte munitie op of in de zeebodem die tijdens de twee wereldoorlogen werd gebruikt. Mogelijke UXO’s worden opgespoord en ontmijningsdienst DOVO maakt ze onschadelijk.

Daarna voert een valpijpschip de nodige steenbestortingswerken uit op de locaties waar windturbines worden geïnstalleerd. Een grindlaag wordt aangelegd door stenen via een valpijp op de bodem van de zee te storten. Dit gebeurt om erosie van de zeebodem te voorkomen en de stabiliteit van de windturbines te garanderen.

placeholder
placeholder

Stap 2: Monopile funderingen diep in de zeebodem

Om de windturbines op zee te kunnen plaatsen, dienen we eerst funderingen te voorzien. Voor het Rentel-project werd gekozen om ‘monopile’-funderingen te gebruiken. Monopiles zijn lange cilindervormige stalen buizen die in de zeebodem worden geboord met een hydraulische hamer. Deze monopiles worden aan land gefabriceerd en vervolgens als één geheel naar de gewenste locatie vervoerd met behulp van gespecialiseerde installatieschepen. Eenmaal aangekomen, tilt een kraan de monopile in een speciale mal, plaatst deze op de zeebodem om dan met een hamer in de zeebodem te ‘hameren’.

Bovenop de monopilefunderingen wordt een ‘Transition Piece’ geplaatst. Dit is het gele stuk van de fundering dat boven water zichtbaar is. Op dit transition piece wordt de toren van de windturbine geïnstalleerd en vastgemaakt. De onderhoudstechnici die via gespecialiseerde schepen het onderhoud uitvoeren van de windturbines, kunnen via het transition piece toegang krijgen tot de turbine.

Stap 3: Overgangstukken

Bovenop de monopile-funderingen worden overgangsstukken geplaatst. Deze gele platformen zijn bijna 22 meter lang en hebben een diameter van 7 meter. De overgangsstukken zijn zichtbaar boven het zeeniveau en vormen de basis waarop de windturbines worden geïnstalleerd.

De overgangsstukken beschermen de kabels tegen de golven, huisvesten de schakelapparatuur en geven onderhoudstechnici toegang tot de windturbines. Ieder platform is voorzien van een kraan en een ladder om materiaal en onderhoudstechnici toegang te geven tot de windturbines.

placeholder
placeholder

Stap 4: Pre-assemblage windturbines

De onderdelen van de windturbines voor het Seamade windpark worden in verschillende Europese landen gefabriceerd en naar de haven van Oostende getransporteerd. Dit gebeurt via roll-on-roll-of schepen met een beweegbare boeg. Dankzij deze laadklep aan de voorkant van het schip kan het laden en lossen van de onderdelen vlot gebeuren.

In de ‘pre-assemblagehaven’ in Oostende worden de verschillende toren-onderdelen geassembleerd tot één toren. Zo ontstaat voor elke windturbine een kant-en-klaar bouwpakket dat bestaat uit: een toren, een gondel en drie rotorbladen. Dit is nodig om de installatie van de windturbines op zee zo vlot mogelijk te laten verlopen.

Stap 5: installatie van windturbines op zee

In de ‘pre-assemblagehaven’ in Oostende worden bij de start van iedere installatiemissie alle onderdelen van twee windturbines op een jack-up installatievaartuig geladen. Dat zijn twee volledige torens, twee gondels en zes bladen.

Eenmaal aangekomen in het concessiegebied positioneert het jack-up installatievaartuig zich nauwkeurig naast een monopile-fundering en overgangsstuk die eerder in zee werden geplaatst. De toren van een windturbine wordt bovenop het platform van het overgangsstuk geïnstalleerd. Daarna installeert de bemanning de gondel op de toren en worden de drie bladen horizontaal aan de gondel bevestigd.

Bij goede weersomstandigheden kan een volledige windturbine geïnstalleerd worden in minder dan 24 uur. Na installatie beginnen de windturbines meteen energie op te wekken. Daarom sluit de technische bemanning de windturbines direct aan op het elektriciteitsnet.

placeholder
placeholder

Stap 6: Offshore transformatorplatform

In de concessiezone van het Rentel windpark wordt een offshore transformatorstation geïnstalleerd. Deze offshore transformatorplatformen vormen het kloppend hart van elk concessiegebied. Ze verzamelen de energie die de windturbines produceren, stabiliseren de 33 kV middenspanning en zetten die om naar 220 kV hoogspanning. Dit maakt energietransport over een lange afstand mogelijk.

Het offshore transformatorplatform bestaat uit een grote stalen constructie met 5 niveaus en is uitgerust met allerlei ondersteunende systemen. Dit platform is specifiek ontworpen om de harde weersomstandigheden in de Noordzee te weerstaan. De onderkant van de bovenzijde van het platform rust ongeveer 20 meter boven de zeespiegel op een monopile-fundering die diep in zeebodem is gefixeerd.

Stap 7: Infield-, export- en landkabels

De windenergie die de Rentel windturbines produceren, wordt omgezet in elektriciteit. Om deze elektriciteit te transporteren naar het Belgische elektriciteitsnet worden verschillende kabels aangelegd.

In de concessiegebieden worden infieldkabels aangelegd op de zeebodem. Deze kabels verbinden de windturbines met de offshore transformatorplatformen waar de spanning wordt getransformeerd van 33 kV middenspanning naar 220 kV hoogspanning. In totaal wordt ongeveer 75 kilometer infieldkabel aangelegd.

Via de aanleg van exportkabels wordt de 220 kV hoogspanning van de twee offshore transformatorplatformen naar het offshore schakelplatform (OSY) getransporteerd. Om de kabel op de vereiste diepte in de zeebodem te leggen worden de nodige baggerwerken uitgevoerd.

placeholder